De joodse begraafplaats in Worms is de oudste joodse begraafplaats van Europa. De
begraafplaats is destijds aangelegd in een voormalige zandgroeve voor de muren van de
vroeg-middeleeuwse stad en kwam in de laat-Middeleeuwen binnen de stadsmuren te liggen; er
zijn nog ongeveer 2000 deels middeleeuwse grafstenen.
Het Alte Judenfriedhof wordt het Heilige Sand genoemd, omdat volgens de
legende op deze plaats zand uit het Heilig Land is uitgestrooid.
oudste deel
De begraafplaats bestaat
uit twee delen. Op het oudste en diepst gelegen stuk werd vanaf de 11e eeuw, op
het nieuwste en hoogst gelegen deel vanaf de 18e eeuw begraven tot 1911.
De eerste
teraardebestellingen waren na 1034, het jaar van de bouw van de eerste synagoge en
waarschijnlijk het stichtings-jaar van de joodse gemeente in Worms. De oudste grafsteen is
uit 1076; er zijn 12 grafstenen uit de 11 eeuw. Uit de 12e eeuw zijn er nog
bijna 50 stenen. De vorm van de grafsteen is in de 11e eeuw uitsluitend en in
de 12e eeuw voornamelijk een ruw zandsteenblok die naar onder toe kleiner wordt
en waar op de voorkant hebreeuwse letters zijn ingekrast.
Na 1260 vond er een eerste ommuring van het Heilige Sand plaats. De
christenen in Worms vonden dat maar verdacht en door het betalen van 400 pond Heller
konden de Joden de verwoesting van hun begraafplaats voorkomen.
In 1625 werd de begraafplaats totaal vernieuwd op kosten van David Oppenheimer
(+1642). De binnenpoort met het metaarhuisje en het stenen wasbekken hebben nog de vorm
die ze toen kregen. Met het water van het bekken wast de Jood, die bij ieder bezoek aan
een grafveld onrein wordt, voor het verlaten van de begraafplaats zijn handen. Ook de muur
rond de begraafplaats werd toen vernieuwd.

foto: jeannette Goudsmit
nieuwe deel
Vanaf het begin van de 18e
eeuw werden de doden op het hoger gelegen deel, een gedeelte van de in 1689 gesloopte
stadswal, begraven. De grafstenen die hier staan stammen vooral uit de 18e en
19e eeuw, maar ook moderne stenen met hebreeuwse en duitse tekst staan op dit
deel, dat tot 1911 werd gebruikt. Onder de stenen uit de 18e en 19e
eeuw komen geregeld dubbele stenen voor in de vorm van de stenen tafelen met de tien
geboden van Mozes. Ze waren in 1740 in de mode gekomen, toen een rector uit Worms
zon soort joodse grafsteen had opgegraven die uit de voorchristelijke tijd zou
stammen. Onder de indruk van de vermoedelijke ouderdom van de joodse gemeente in Worms,
gingen de Joden deze vorm weer gebruiken.
De sluiting van de oude joodse begraafplaats vond plaats in 1911; in hetzelfde jaar
werd de nieuwe joodse begraafplaats op de Hochheimer Höhe bij Worms geopend. Beide
begraafplaatsen overleefden de stormen van het Derde Rijk, maar door
geallieerde bombardementen liepen talrijke stenen op de oude begraafplaats schade op. Een
deel kon hersteld worden.
graven van belangrijke joden
Aan de ingang van de
begraafplaats hangt een plaat met de tekst: "Oude Jodenbegraafplaats het Heilig
Zand van de Wormser Joden. Hier rusten beroemde rabbijnen, martelaars en edele
mensen uit negen eeuwen. Een gedenkwaardige plaats voor de Joden uit de hele wereld.
Oudste joodse begraafplaats van Europa."
Zowel op het oude als het nieuwe deel bevinden zich ongeveer 1000 grafstenen, in
totaal 2000 stenen. Onder een aantal daarvan liggen beroemde rabbijnen.
De oudste grafsteen van deze begraafplaats bevat de tekst:
Dit is de grafsteen van Jakob ha-bachur, die overleed in het jaar 4837
(=1076/77) volgens de tijdrekening. Moge zijn ziel gebonden worden in de bundel des
levens.
rabbi Meir von Rothenburg (1293)
Het beroemdste graf is het
graf van rabbi Meir.
De naast elkaar staande grafstenen van Rabbi Meir (1293) en Alexander ben Salomo
(1307) zijn pelgrimsdoelen van het jodendom in de hele wereld geworden. Direct na de
binnenpoort liggen beide graven, bedekt met talrijke steentjes.
Rabbi Meir, rond 1220 in Worms geboren, was in zijn tijd een autoriteit op
theologisch en juridisch gebied. Na lange tijd in Rothenburg o.T. gewerkt te hebben werd
hij rabbijn in Mainz. Toen in 1286 veel Joden, waaronder Meir, wilden emigreren naar
Palestina en er zo voor de keizerlijke kas tekorten dreigden, werd Meir door Rudolf von
Habsburg gevangen genomen, omdat men in hem de aanstichter zag. Rabbi Meir verbood de
Duitse joden hem vrij te kopen en hij stierf dan ook in gevangenschap in 1293. Pas 14 jaar
na zijn dood lukte het de Frankfurter koopman Alexander ben Salomo door zijn hele vermogen
op te offeren het lijk vrij te kopen. En zo werd rabbi Meir, die ook Mahram genoemd werd,
in 1307 alsnog in zijn geboorteplaats begraven. De graftekst:
Mahram, onze leraar
Meir. Dit gedenkteken staat bij het hoofd van onze meester, Rabbi Meir, zoon van Rabbi
Baruch, die door de roomse keizer op 14 Tammuz 5046 gevangen werd gezet. Hij stierf op 19
Ijjar 5053 in gevangenschap en werd niet begraven tot 4 Adar 5067. Moge zijn ziel
vertoeven bij de zielen van de rechtvaardigen der wereld in de tuin van Eden. Amen.
©Copyright tekst en foto's Rindert Brouwer
Naar
fotoboek Alte Judenfriedhof " Der Heiligen Sand" |